Recensie | Biografie van Armand, een turbulent leven

SNEEK

Velen weten zich de optredens van Armand in Joure te herinneren, de protestzanger, die al in 1967 met zijn hit ‘Ben ik te min?’ de hitlijsten wist te bestormen.

In de bovenzaal van Rob van Terwisga bezong hij eind jaren zestig al zijn favoriete genotsmiddel de wiet, om dat vijftig jaar later nog even enthousiast te doen in Muziek-Café de Stam. Voelde hij zich aanvankelijk geen protestzanger, later zou hij deze benaming als een geuzennaam beschouwen. Over Armand, wiens echte naam Herman George van Loenhout was, schreef Marcel Groenewegen een zeer lezenswaardige biografie. Naast journalist is hij de bassist van beatgroep ‘The Kik’, de band die hem uit de vergetelheid wist te ontrukken en er debet aan was dat Armand zich in de herfst van zijn leven eindelijk gewaardeerd voelde… Marcel Groenewegen: ‘Armand en nou ik’. Nijgh & Van Ditmar/Top Notch. ISBN 978 90 388 0143 8. Wie de biografie ter hand neemt ziet de zanger voorop staan als een door het leven getekend mens in een hippiegewaad, somber kijkend in de lens. Zijn lange haar rood geverfd, een India-sjaaltje om en in zijn doorgroefde handen een sigaret. Toch was Armand ooit een knappe verschijning, die menig meisje het hoofd op hol kon brengen… Als kind was Herman (10 april 1946), wiens naam door de Franse moeder van zijn vriend uitgesproken werd als Armand, ziekelijk. Astma, bronchitis en andere longaandoeningen overschaduwden zijn jeugd, waardoor hij drie jaar lagere school zou mislopen om in een herstellingsoord bij te komen. Na de ULO belandde hij uiteindelijk bij Philips, evenals zijn vader, waar hij telexist werd. De muzikale Armand speelde als kind al accordeon als de beste, om uiteindelijk in het Cabaret der Onbekenden, een Eindhovense talentenjacht door te breken als zanger. Dit leverde hem een platencontract met Phonogram op. De tweede single ‘Een van hen ben ik/Ben ik te min ’werd zijn grote doorbraak. ‘Ben ik te min’ zou het lied zijn dat hij als zijn lijflied overal zong: ‘Ben ik te min omdat je pa in een grotere kar rijdt dan de mijne…’ Een lied dat hem zoveel geld opleverde dat hij uiteindelijk zelf in een tweedehands Jaguar dan wel een Cadillac naar de plaatsen reed waar hij moest optreden… Op een gegeven moment verbrak Phonogram de verbintenis omdat de zanger te veel songs schreef die inhoudelijk niet strookten met hun inzichten. Vervolgens werden er nog talloze platen gemaakt voor het label van Johnny Hoes, Killroy, die een wisselend succes zouden kennen. Roem en drugs leidden hem uiteindelijk naar de ondergang, hij was alle geestverruimende middelen gaan gebruiken die er waren, van grote hoeveelheden hoestsiroop, Lsd en hasj om uiteindelijk te belanden bij cocaïne… De laatste drug zei hij na enige tijd vaarwel. Hoewel hij op het hoogtepunt van zijn carrière f 75.000 verdiende per jaar moest hij er “bij klussen” als dealer van soft drugs. Zijn cocaïnegebruik verwoordde hij aldus: ‘1 gram is een flanger effectpedaal’, ‘2 gram een elektrische gitaar, enz…’. Meerdere relaties hielden geen stand waaronder die met Laurie Langenbach, de latere vriendin van Wally Tax, voorman van The Outsiders. Drie mislukte huwelijken volgden, twee zonen zou hij successievelijk uit zijn leven weren… Een ontmoeting met The Kik in 2012 zou uiteindelijk uitmonden in een theatertournee, die hem de roem opleverde waar hij zijn hele leven zo naar gehunkerd had. Platen met deze band gingen als zoete broodjes over de toonbank. Toen producer Frans Hagenaars hem ‘De weg naar Isfahan’ hoorde oefenen in de studio, nam hij het nummer op zonder medeweten van de zanger. “De breekbare stem van een man aan het einde van zijn leven, begeleid door niets meer dan zijn gitaar” aldus Hagenaars. Het prachtige nummer, gebaseerd op het gedicht ‘De tuinman en de dood’ van Pieter Nicolaas van Eyck uit 1926 met daarin de moraal: niemand ontkomt aan Magere Hein, werd de afsluiter van het schitterende album met The Kik. Om zeven uur in de avond van 19 november 2015 overleed Armand op 69-jarige leeftijd aan de gevolgen van longemfyseem. Tijdens de uitvaart werd Armand, liggend in een open kist, bedolven onder de bloemen door de 1000 aanwezigen. Muzikant Bertus Borgers legde na het spelen van ‘Een van hen ben ik’ met The Kik zijn mondharmonica bij de kist: “Aan gene zijde is hij ook muzikant…” Zoals Marcel Groenewegen het verwoordt: “Armand zal herinnerd worden als de troubadour van liefde en hoop. Zolang zijn liedjes de mensen blijven aanspreken, zal zijn biografie een open einde houden…”. Met ‘Armand en nou ik’, heeft Groenewegen niet alleen een beeld geschetst van een artiest en diens oeuvre, maar vooral van een man en zijn turbulente leven, en diens hunkering naar erkenning! Naast de biografie is er in het 332 pagina’s tellende boek ruimte overgelaten voor een discografie. Al met al een biografie van formaat over dé zanger, die het in de eerste plaats moeilijk had met zichzelf… Koos Schulte

Auteur

Brenda van Olphen