Recensie | Geluk in een strip

SNEEK

Belevenissen van gewone mensen komen we tegen in ‘Toch een geluk’ van Barbara Stok en in ‘Opa en oma’ van Lo Hartog van Banda en Thé Tjong-Khing.

Het eerste boek bevat vele belevenissen van Barbara Stok, een doorsnee vrouw met een doorsnee leven, die slapeloze nachten kent, vegetarisch eet, drumt, werkt aan een biografisch stripboek over Vincent van Gogh (ondertussen al lang verschenen en een groot succes in binnen- en buitenland), overal ter wereld lezingen geeft, en spannende zeiltochten maakt met haar vriend. Het tweede boek handelt over een ouder echtpaar dat terugblikt op het leven, een leven dat anders in elkaar zit dan de echtelieden, “opa en oma” zich soms menen, en willen (!) herinneren. Echter de liefde voor elkaar is telkens de winnaar..! Barbara Stok: ‘Toch een geluk’. Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar. ISBN 978 90 388 0175 9. ‘Toch een geluk’ is alweer het elfde boek dat sedert 1998 bij Nijgh & Van Ditmar is verschenen, de uitgever die schoorvoetend striptalent Barabara Stok een kans gaf te midden van een fonds waarin kunst en literatuur op dat moment hoogtij vierden. Ze bleek de kip met het gouden ei te zijn want Barbara wist al snel een grote schare lezers aan zich te binden, waarbij haar eigen creatieve ontwikkeling grote vooruitgang maakte, hetgeen in 2009 resulteerde in de prestigieuze Stripschapprijs. Drie jaar later verscheen van haar ‘Vincent’, een biografische strip over de grote impressionistische schilder, die vanwege de heldere opbouw, het fraaie kleurgebruik en het warme neerzetten van het hoofdpersonage wereldwijd een succes werd. Een ander opmerkelijk boek van haar was ‘De omslag’ waarin zij de hectische periode van drukker Hendrik Werkman (‘De Ploeg’) verbeeldde op initiatief van het Groninger Museum. In haar nieuwste boek treffen we tal van losse strips aan, die in de afgelopen jaren in o.a. de ‘Leeuwarder Courant’, ‘NRC Handelsblad’, en het ‘Nederlands Letterenfonds’ werden gepubliceerd. Het dagelijkse leven in een notendop dat zich afspeelt in bed, op het water, in het park, in de tv-studio , bij de bushalte en al signerend in de boekhandel. De paginagrote illustraties zijn een prettige afwisseling. Ook nu weer zorgen de - ogenschijnlijk - simpele lijnvoering, het transparante kleurgebruik en het heldere plot ervoor dat ook deze “Stok” er weer ingaat als koek. Lo Hartog van Banda & Thé Tjong-Khing: ‘Opa en oma’. Sherpa, ISBN 978 90 8988 114 4. Uitgeverij Sherpa is al enige jaren druk doende met het uitbrengen van wat zo stadig aan “de complete Thé Tjong-Khing” genoemd mag worden. Meerdere artikelen over het (strip)oeuvre van deze (voormalig Toonder Studio’s) tekenaar heeft u al zien passeren. Tijdens het inventariseren van het werk van Thé kwam men in het archief van de Toonder Compagnie een groot pak illustraties en bijbehorende teksten tegen. De “schat”, welhaast door iedereen vergeten, bleek tekeningen te bevatten welke in de jaren 1959-1960 gepubliceerd waren in ‘De Telegraaf’ en eveneens in ‘Das grüne Blatt, Deutschlands gröszte Wochenzeitung’. Het was tekstschrijver Lo Hartog van Banda, die met het idee kwam, dat hij liet uitwerken door Geert Elfferich en Jan Moraal. Beide laatste tekstschrijvers kenden op dat moment veel succes met hun radiohoorspelen voor de Avro, de serie ‘Koek en ei’, die tussen 1958 en 1961 maar liefst 145 maal op de radio te beluisteren waren. Ko van Dijk, Conny Stuart en Joop Doderer deden honderdduizenden luisteraars aan hun radiotoestel kluisteren. Een radiohoorspel werd destijds ook wel ‘radiostrip’ genoemd en zo zal Lo, met wie Thé later vele strips zou opzetten, op het idee gekomen zijn beide hoorspelauteurs te contracteren. Hoewel het gegeven niet uitgewerkt werd als strip, ligt de uitwerking daar niet ver vandaan. Steevast haalt opa dan wel oma een gebeurtenis aan uit hun jonge jaren, waarop de partner dan reageert. De “waarheid” blijkt vaak anders dan eerst voorgesteld werd. Noemt opa zich in een van de columns tijdens het rijden op zijn paard een “kózak”, oma verduidelijkt met “je hebt er geen idee van op hoeveel manieren iemand verschrikkelijk van een paard kan vallen” de werkelijke toedracht…Vertelt opa vol verve over een solo welke hij mocht zingen bij ‘Zangvreugde’, komt oma eroverheen met: “Hij stelde zich in postuur, hij opende zijn mond en toen hoorden we: Ik-ik ben ’t kwijt…” Zo is opa en oma een pracht boek geworden met de column en twee illustraties op de linkerpagina en een grote illustratie rechts. Uit de illustraties van de destijds jonge illustrator blijkt al zijn grote talent. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Thé ten tijde van ‘Opa en oma’ een langlopende opdracht kreeg van Meulenhoff om de jeugdboekenseries van Tim Maran, ‘Davy Crockett’ en ‘Kaperwind’ te gaan illustreren. Hoewel het thema van de Kinderboekenweek 2016, die van 5 t/m 16 oktober gehouden wordt,‘Voor altijd jong. Opa en oma’ is, is het niet zo dat het hier een kinderboek betreft. De clou van menige column zal een kind ontgaan, de schrijfstijl is voor huidige begrippen aan de trage kant, en de opa’s en oma’s, om wie het hier gaat, vieren hun belevenissen in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Volwassenen van nu zullen zeker glimlachen om de “kronkels” van opa en oma, staaltjes van puur geluk, om nog maar te zwijgen van de verstokte liefhebbers van het werk van Van Banda en Thé, die zich deze uitgave zeer zullen laten welgevallen! Koos Schulte

Auteur

Brenda van Olphen