Meimeringen | Een uitgestoken hand

Lemmer

Het lijkt de laatste weken alsof alle mensen die we een leven lang hebben gekend, overlijden. Boersma, buurman Zandstra, Van Foeken, Tuinstra en toen ook opeens buurman Sloothaak, oftewel buurman Harm.

Vroeger toen ik klein was, woonden we naast hem en buurvrouw Rinie en vriendinnetjes Anita en Marja. We deelden onze levens, speelden samen, er werd eten over de haag gegeven en er werd op elkaars kinderen gepast. Ik sprak hem onlangs nog zo was mijn gevoel, maar dat was dan toch blijkbaar langer geleden dan gedacht. Want ik wist niet dat hij ziek was en zijn overlijden kwam voor mij dan ook zeer plotseling. Manlief is helaas weg naar zijn eigen zieke vader, dus ik moest de gang naar het condoleren alleen maken. Toen ik de auto parkeerde, zag ik allemaal mensen op weg naar dat laatste afscheid. Bekenden, omdat we allemaal elkaars geschiedenis globaal kennen. Alle drama’s, alle geliefden die zijn weggevallen, maar ook de mooie momenten, we zien ze als het ware voor ons als we iemand ontmoeten. Nog voordat ik de auto goed en wel had afgesloten en een woord had gezegd, had iemand zijn hand al naar me uitgestoken. Dat woord zei ik eerst ook niet, ik aanvaardde de hand in diepe dankbaarheid. Later mompelde ik dat ik het altijd zo naar vind, dit soort dingen alleen. Samen liepen we naar binnen, hij wachtte geduldig tot ik mijn naam in het boek had gezet en samen liepen we weer weg. Ondertussen zag ik al die mensen die ik al zo lang ken ook hun respect betuigen. En daar, onder die ongelofelijk nare omstandigheden voor de nabestaanden dacht ik ‘wat is het toch prachtig dat we binnen onze gemeenschap zo met elkaar omgaan.’ En die hand? Die hand was daar de ultieme uiting van. Meisje (www.meisjelemmer.blogspot.com)

Auteur

Brenda van Olphen