Tevredenheid over vrijwilligerswerk bij Fries Burgerpanel

Joure

Zes op de tien leden van het Fries burgerpanel doet op dit moment vrijwilligerswerk. Ze zijn hier over het algemeen erg tevreden over, het gemiddelde cijfer dat ze hun vrijwilligerswerk geven is een acht.

Het meeste vrijwilligerswerk wordt gedaan bij sportverenigingen. De belangrijkste motivatie om vrijwilligerswerk te gaan doen is de verbondenheid met de organisatie. Een goede werksfeer is de belangrijkste voorwaarde om het vrijwilligerswerk te blijven doen. De overheid legt steeds meer taken en verantwoordelijkheden neer bij de burger. Wat voor effect heeft dit op vrijwilligerswerk en burgerinitiatieven in Fryslân? In maart 2016 is daarom aan 1613 leden van het Fries burgerpanel gevraagd wat hun mening hierover is. Het Fries Sociaal Planbureau (FSP) zal de komende jaren het vrijwilligerswerk en de participatie van de Friezen monitoren. Eén op de zes panelleden zonder vrijwilligerswerk heeft behoefte aan ondersteuning. Ongeveer een vijfde van de panelleden heeft nog nooit vrijwilligerswerk gedaan. Hiervan geeft 44% aan dit in de toekomst wel van plan te zijn. De jongere panelleden willen dit in vergelijking met ouderen vaker doen bij een school of voor de wijk of buurt. Terwijl 65-plussers dit vaker willen doen bij een culturele vereniging. Eén op de zes panelleden zonder vrijwilligerswerk wil graag ondersteuning van de gemeente of een andere organisatie krijgen om dit in de toekomst wel te gaan doen. Het gaat hier om bijvoorbeeld inzicht te krijgen in de vacatures voor vrijwilligerswerk of hulp bij het zoeken naar gepast vrijwilligerswerk. Onduidelijkheid over de nieuwe rol van de gemeente Zo’n 27% van de panelleden is zelf betrokken bij een burgerinitiatief. Ook vindt zes op de tien panelleden dat een actieve inbreng van bewoners leidt tot beleid dat beter aansluit bij wat ze zelf willen. Toch vinden panelleden het lastig te bepalen wat de rol van de gemeente is bij het terugtrekken van de overheid. Een derde van het panel vindt dat de gemeente meer aan inwoners zelf moet overlaten als het gaat om de buurt veiliger te maken en om voorzieningen in stand te houden. Een kwart vindt dat dit een taak van de gemeente is. Maar de grootste groep (42%) heeft hier geen mening over of staat hier neutraal in. Ook geeft driekwart van het panel aan dat ze niet weten of de gemeente al klaar is om meer aan burgers over te laten en of de gemeente voldoende doet aan het stimuleren van initiatieven van burgers. Over de nieuwe rol van gemeenten is vanuit de panelleden dus onduidelijkheid. Trekken gemeenten zich terug en laten ze steeds meer taken in zijn geheel over aan de burger? Met het gevaar dat in buurten waar mensen minder actief zijn geen initiatieven ontstaan. Of gaan gemeenten toch faciliteren en de burger actief stimuleren zelf taken over te nemen?

Auteur

Brenda van Olphen