Recensie | Roodbaard, een piratenleven in beeld

Sneek

In de jaren 1949 -1952 verschenen in stripblad ‘Robbedoes’ - de Nederlandstalige versie van ‘Spirou’ - de avonturen van de kaperkapitein uit Saint-Malo: ‘Surcouf’, de kaper die in napoleontische overheidsdienst rond Afrika en op de Atlantische Oceaan opereerde.

Makers waren Jean-Michel Charlier (1924 – 1989 ) en Victor Hubinon (1924 – 1979). Het succes was zo groot en de samenwerking zo positief en intensief dat beiden besloten meerdere series op te zetten. Samen zouden ze de avonturen van piloot ‘Buck Danny’ (40 delen) en de serie over piraat ‘Roodbaard’ (18 delen en min of meer een waardige opvolger van Robert Surcouf) opzetten. Beide series kunnen gerekend worden tot de klassiekers van het Europese stripverhaal. ‘Roodbaard’ zou door diverse scenaristen en tekenaars tot 2004 voortgezet worden. ‘Buck Danny’ kent nog steeds vervolgdelen. Zij die als kind de stripbladen ‘Pep’, ‘Eppo’ of ‘Wham’ lazen, maar ook jeugdige stripliefhebbers van tegenwoordig, zullen met veel plezier kennisnemen van de integrale versie van ‘Roodbaard, de schrik van de Zeven Zeeën’. De avonturen worden momenteel in prachtige bundels uitgebracht door de Haarlemse uitgeverij Sherpa. De nieuwe vertaling, inkleuring en uitgebreide dossiers over de totstandkoming van de serie maken deze up to date. Een uitgave om te koesteren! Hubinon & Charlier: ‘Roodbaard. De schrik van de Zeven Zeeën’. Deel 6. Uitgeverij Sherpa. ISBN 978-90-8988-093-2. In de inleiding is een grote rol weggelegd aan Michèle Hubinon, de dochter van de illustrator. In een interview vertelt zij over de werkwijze van haar vader: schetsen, een uitwerking met vulpotlood en vervolgens het inkten met Oost-Indische inkt met kroontjespen of penseel. Grote illustraties aan het begin van een nieuw verhaal bezorgden Hubinon vaak hoofdbrekens, omdat hij op een groter formaat werkte dan de meeste andere tekenaars. Het gevolg was: een uiterst realistisch gedetailleerde overzichtsplaat. Michèle herinnert zich de grote stapels tijdschriften en boeken ter informatie en de gele doorslagvellen met de scenario’s van Charlier, die in haar vaders atelier lagen als er aan een nieuw avontuur gewerkt moest worden. Ze herinnert hem als een liefdevol man, die zo bezeten was van zijn werk dat er zo weinig mogelijk op vakantie werd gegaan… Deze bundel bevat de laatste albums welke het duo Charlier-Hubinon maakte voor de Roodbaard-serie. Interessant is het gegeven dat Hubinon tijdens het maken van ‘De helleschuit’ zo ziek werd dat hij er in 1974 de brui aan gaf. Het verhaal werd afgerond door de jonge aankomend illustrator Gilles Chaillet. De laatste vier platen die hij voor dit album maakte, waren zo perfect dat zelfs “kenners” ze niet van het tekenwerk van Hubinon konden onderscheiden. Geen wonder dat de toenmalige uitgever Dargaud hem meteen een contract wilde aanbieden om de serie voort te zetten. Tegelijkertijd zocht Jacques Martin, de tekenaar-scenarist van de historische serie ‘Alex’ en de avonturenstrip ‘Lefranc’ een opvolger voor de laatste serie. Chaillet prefereerde de zogenaamd ‘klare lijn’- stijl van Martin en verkoos dan ook laatste. Als tekenaar van ‘Lefranc’ en vooral zijn eigen middeleeuwse avonturenreeks ‘Vasco’ zou Chaillet zeer geliefd worden. De verhalen in deze bundel spelen zich grotendeels af in het Ottomaanse Rijk. Ontvoeringen, berechtingen, zeeslagen en politieke intriges lopen er als een rode draad doorheen. Aan het eind van het laatste verhaal is het nog ongewis of Roodbaard, diens aangenomen zoon Erik, Driepoot de geograaf-chirurgijn, en Baba, de door Roodbaard bevrijde plantageslaaf, erin zullen slagen Caroline, de erfgename van de troon van Mantua, te bevrijden. In deel 7 van de integrale Roodbaard-editie van uitgeverij Sherpa komen we hierover ongetwijfeld meer aan de weet. Een al even interessant album, omdat het tekenwerk ditmaal overgenomen wordt door Jijé en diens zoon Lorg, waarover te zijner tijd ongetwijfeld meer… Koos Schulte

Auteur

Brenda van Olphen