Recensie | ‘Als de Russen komen’, tentoonstelling in het Nationaal Militair Museum Soesterberg

JOURE - De jaren 1947-1989 staan te boek als de periode van de Koude Oorlog. Twee hegemoniale machtsblokken stonden daarbij frontaal tegenover elkaar, tot de tanden toe bewapend.

Tegen de achtergrond van een allesoverheersende dreiging van een nucleaire oorlog groeide de naoorlogse Koninklijke Landmacht in de jaren zeventig uit tot een organisatie met een gemiddelde parate sterkte van ruim 80.000 man. In het geval van een mobilisatie zouden zelfs meer dan 175.000 militairen actief kunnen worden. Ten tijde van deze zogenaamd Koude Oorlog maakte de militaire dienstplicht dan ook deel uit van elke jongen, zowel in de bij de NAVO aangesloten landen als bij die van het Warschau Pact.

Tot 1 september 2019 loopt de tentoonstelling ‘Als de Russen komen’ in het Nationaal Militair Museum Soesterberg. Een periode die iedereen, die op dat moment al dan niet (dienstplichtig) militair was, niet in de koude kleren is gaan zitten. Ieder moment leek de oorlog immers te kunnen losbarsten…

Alfred Staarman, Mathieu Willemsen en Monique Brinks: ‘Als de Russen komen’

WBooks, Zwolle & Nationaal Militair Museum Soesterberg. ISBN 978 94 625 8320 7

In een zestal hoofdstukken belichten diverse auteurs de periode van de Koude Oorlog: de wapenloop van links en rechts, de militaire dienstplicht, het massale verzet tegen de kruisvluchtwapens nabij Vliegbasis Woensdrecht, het korps Luchtwachtdienst, Nederlandse militairen die gelegerd waren in West-Duitsland als buffer met het Oosten en de angsten van de Warschaupactlanden voor de NAVO.

Zowel de bijbehorende catalogus als de tentoonstelling gaat uitgebreid in op met name Nederland in de jaren van de Koude Oorlog: hoe moesten we ons verdedigen tegen de Russen en hoe stond men tegenover het al dan niet plaatsen van Amerikaanse nucleaire kruisvluchtwapens op Nederlands grondgebied waarover iedereen een mening had (“liever een Rus in de keuken dan een raket in de tuin..!”) Ook de dienstplicht in Nederland en met name in Duitsland komt uitgebreid aan bod. Zowel schertsend bij monde van Paul van Vliet, Fons Jansen en Van Kooten en De Bie, als meer beschouwend: kameraadschap, verveling, de uniformen, de opkomst van de VVDM , de Vereniging van Dienstplichtige Militairen, het “hippieleger” de benaming die de Nederlandse militairen toebedeeld kregen naar aanleiding van de vrije lange haardracht, enzovoort.

Veel fotomateriaal,objecten, posters en uiteraard wapenmateriaal roepen herinneringen op, die gedeeld zullen worden met hen, die deze tijd niet hebben meegemaakt, maar er nu mee geconfronteerd worden. Op de tentoonstelling zelf zijn veel foto’s te zien waarop de dagelijkse gang van zaken van veel militairen na te gaan is.

Ondergetekende, die in het begin van de jaren zeventig gelegerd was in legerplaats Hohne, denkt dan ook met gemende gevoelens terug aan die tijd. Een periode waarover Luitenant-Kolonel b.d. Ed Westerhuis opmerkt: “Naar mijn mening was 41 Tankbataljon in de jaren tachtig van de vorige eeuw goed uitgerust, goed opgeleid en voorzien van uitstekend kader. Maar het zou irreëel zijn om te veronderstellen dat het bataljon ongeschonden de strijd op de Noord-Duitse Laagvlakte zou hebben overleefd in een gewapend conflict. We hielden rekening met grote verliezen…”

Deze tentoonstelling biedt een interessant venster op de wereld van de krijgsmacht, zoals directeur Paul van Vlijmen het in de inleiding van de catalogus verwoordt: “Niet alleen in het verleden, maar ook in het heden en als het even kan, zelfs in de toekomst”, om te eindigen met: “Als ik alle berichten over nepnieuws, trollen, hackers en cyber war mag geloven, hoeven de Russen helemaal niet meer te komen, dan zijn ze er al lang!”. Een interessante tentoonstelling over een wereld die destijds uit slechts twee zaken leek te bestaan: Oost en West. En dat alles bekeken vanuit een politiek, militair en maatschappelijk perspectief. De catalogus is daarbij een prima ondersteuning, die echter ook los van de expositie prettig leesbaar is.

Koos Schulte