‘Gemeente moet bepalen wat voor gemeente ze wil worden’

DFM - ‘Er ligt weer een jaar voor ons. Het is nieuw, wit nog. We hebben een heel jaar de tijd om het in te kleuren. Gisteren begon dat nieuwe jaar. Het zesde voor onze gemeente. Vroeger ging je op je zesde van de kleuterschool naar de lagere school. Een nieuwe fase. Die zie ik ook voor onze gemeente ontstaan,’ dat zei de burgemeester tijdens de nieuwjaarsreceptie op 2 januari.

Bijzonder jaar

2018 noemde hij een bijzonder jaar. ‘In meerdere opzichten. In het prille bestaan van De Fryske Marren zijn de eerste reguliere gemeenteraadsverkiezingen gehouden. Die hebben tot veranderingen geleid. Partijen wonnen of verloren zetels. Er kwam een nieuwe partij bij. De gemeenteraad bestaat voor ongeveer een derde uit nieuwe leden. En de coalitie bestaat nu uit drie partijen. En alsof dat niet genoeg was verloor het college in oktober al twee leden en kwamen er dus ook weer twee nieuwe wethouders bij. Zoveel veranderingen zijn op zich al genoeg om te verklaren dat er enige tijd nodig is om de klokken weer gelijk te zetten en de blik vooruit te richten.;

‘Wat voor gemeente willen we worden?

‘In 2018 kregen we te maken met onderwerpen die ons ook in 2019 bezig zullen houden. 2019, ons zesde levensjaar. We ontgroeien de kleutertijd, we worden groot. Dat betekent dat we in de nabije toekomst onze visie moeten herijken, onze stip op de horizon opnieuw moeten vaststellen. Wat voor gemeente willen we gaan worden nu we de eerste groeistuipen achter de rug hebben. Dat betekent ook dat we dit jaar naar onze organisatie gaan kijken. De mensen van de wijkteams komen in dienst van de gemeente. We gaan verder met digitalisering van de dienstverlening. We gaan onderzoeken hoe de managementstructuur zo eigentijds mogelijk kan worden. En een groot deel van de medewerkers kan weer een werkplek in eigen huis krijgen als de eerste fase van de verbouwing achter de rug is.’