De Ontmoeting: Aeerde Sjoerd van der Veen

Lemmer

In de rubriek De Ontmoeting verhalen over waar mensen elkaar ontmoeten. Deze week is Aeerde van der Veen aan het woord. Aeerde Sjoerd ontving een lintje voor zijn werkzaamheden als brandweerman.

Wie ben je?

‘Mijn naam is Aeerde Sjoerd van der Veen. Ik ben 62 jaar en geboren en getogen in Lemmer. In mijn dagelijks werk ben ik altijd werkzaam geweest in de installatiebranche; heel lang was dat voor Feenstra Verwarming als leidinggevend monteur in de utiliteitsbouw, nu voor de firma Reekers te Balk als algemeen installatiemonteur. In 1980 kwam ik bij de vrijwillige brandweer van Lemmer terecht. Mijn vader was daar al lid van. Wanneer bij ons thuis de brandweerbel ging, stond ik bij wijze van spreken al klaar om uit te rukken. Toen mijn vader vertelde dat er een vacature bij de brandweer was, ging ik natuurlijk meteen solliciteren.’

Waarom ben je bij de brandweer gegaan?

‘Ik wilde iets betekenen voor mensen en dieren in nood en ik was geïnteresseerd in de techniek van het brandweermateriaal. Toen ik destijds bij de brandweer kwam, was het beeld vooral dat brandweermensen zich bezig hielden met branden blussen. Dat beeld klopt natuurlijk al lang niet meer. De brandweer verleent ook hulp aan verkeersslachtoffers en aan watersporters in nood (op het binnenwater). Die taken zijn minstens zo belangrijk voor het brandweerkorps geworden. Het is dan van het grootste belang dat brandweerlieden over goed materieel beschikken om deze taken goed uit te kunnen voeren. Daarbij hoort natuurlijk ook dat brandweermensen goed opgeleid worden voor de verschillende taken die het korps in deze tijd uitvoert.’

Voor je verdiensten bij de brandweer kreeg je een lintje, had je dat aan zien komen?

‘Ik had het natuurlijk eerder wel meegemaakt dat manschappen, die lange tijd bij de brandweer waren geweest, geridderd werden bij hun afscheid. Maar voor mezelf wist ik niet wat ik mocht verwachten. Pas toen burgemeester Veenstra ze: ‘Ik kom eigenlijk maar voor één persoon’, begreep ik wel wat er ging gebeuren.’

Hoe vond je het om een lintje te krijgen?

‘Ik zie het als waardering voor mijn inzet als brandweerman. Het krijgen van een lintje is op zich nooit mijn doel geweest om bij de brandweer te gaan. Toen ik bij het korps kwam, was het zelfs helemaal niet gebruikelijk om af te zwaaien met een lintje.’

Waarom stop je 1 januari 2018 bij de brandweer?

‘Eigenlijk zou ik zeven jaar geleden al gestopt zijn, maar ik werd toen gevraagd om te verlengen vanwege het tekort aan chauffeurs. De afgelopen jaren heb ik geholpen om nieuwe korpsleden op te leiden voor hun brandweertaken. Ik deed dat met het grootste plezier. Maar nu het korps op sterkte is, is het is ook goed om op een zeker moment de jeugd het vertrouwen te geven dat ze het best op eigen kracht kunnen.’

Wat voor herinneringen heb je aan je tijd bij de brandweer?

‘Ik kijk er met het grootste plezier op terug: de onderlinge kameraadschap, het blindelings op elkaar kunnen vertrouwen in noodsituaties, de samenwerking met andere hulpverleners en natuurlijk ook het plezier dat je met elkaar hebt. Allemaal zaken die je bij de brandweer tegenkomt.’

Ga je het werk missen?

‘Er is mij gevraagd om nog te blijven helpen bij het uitzetten van oefeningen en om pompbedienders in de praktijk te begeleiden. Dit ga ik zeker doen! Dat betekent natuurlijk dat ik nog wel betrokken blijf bij het korps, maar er geen deel meer van uit maak. Bij het uitrukken ben ik er niet meer bij en dat zal ik best wel gaan missen!’

Wie zou jij een lintje geven?

‘Dat zouden voor mij mensen zijn die zich belangeloos inzetten voor een ander. Ik denk aan vrijwilligers in het verenigingsleven, de mensen van de KNRM, mensen die zich inzetten voor ouderen en gehandicapten, het Rode Kruis, EHBO, de brandweer, enz. enz.’ Mieke van Veen

Auteur

Redactie