De Ontmoeting: René Groot

Lemmer

In de rubriek De Ontmoeting verhalen over waar mensen elkaar ontmoeten. Deze week is René Groot aan het woord. René is eigenaar van Duikmuseum Lemmer.

Wie ben je?

‘Mijn naam is René Groot, ik ben 55 jaar en ik woon in Lemmer. Ik ben werkzaam als beroepsduiker en daarnaast werk ik in het hyperbare en duikgeneeskundig centrum in het Antonius ziekenhuis in Sneek. Als beroepsduiker dook ik ongeveer 300 keer per jaar en dat zo’n beetje 20 jaar lang. Dat wilde ik niet meer zo intensief doen. Daarom werk ik nu ook in Sneek en duik ik nog zo’n een keer per week.’

Hoe is het Duikmuseum ontstaan?

‘Dat is ontstaan uit mijn verzamelwoede van duikattributen. Op een gegeven moment begon het fundamentele vormen aan te nemen en kwam het in een museumstatus. Dat was rond 1999. Ik begon als sportduiker, daarna heb ik acht jaar bij de marine gediend als duiker en heb toen in de offshore industrie, de olie- en gasindustrie, als duiker gefunctioneerd. Zo is de interesse ontstaan en het begon met één koperen duikhelm en nu heb ik er zo’n 65.’

Waar vind je de duikattributen?

‘De duikwereld is niet zo vreselijk groot en veel mensen, in zowel Nederland als het buitenland, kennen het duikmuseum. Dan krijg ik wel tips van mensen of ik bijvoorbeeld daar al heb gekeken, want daar stond nog een compleet duikpak. Dan ga ik er heen en als het wat blijkt te zijn, dan koop ik het. Maar ook materiaal dat wij zelf als duikers hebben gebruikt in de loop der jaren en wat nu niet meer wordt gebruikt, zetten we op een pop om tentoon te stellen. We hebben nu iets van 46 poppen staan.’

Wat is er allemaal te zien in het museum?

‘Het museum is niet zo groot, rond de 210 vierkante meter en het staat stijf vol duikmateriaal. We hebben onder andere een complete marinehoek, decompressietanks en gereedschap waarmee onder water kan worden gewerkt. Maar ook poppen met verschillende duikuitrustingen. Zo hebben we militaire duikers, Russische duikers, brandweerduikers, mijnenduikers en een nucleair pak waarmee je in een kerncentrale kan duiken. Ik kan niet zeggen welk item ik het mooiste vind, ik vind ze allemaal mooi. Er staan de meest simpele, maar ook de meest ingewikkelde attributen.’

Wat vind je zo leuk aan duiken?

‘Dat is wat ik vanaf mijn zesde heb gewild. Ik wilde altijd beroepsduiker worden. Op mijn veertiende ben ik begonnen als sportduikertje en vanaf mijn zeventiende ben ik bij de marine gegaan. Als jij onder water gaat, dan is alles stil, niemand praat tegen je en je bent in een zwevende toestand. Eigenlijk net als een astronaut. Duiken moet in je bloed zitten. Je moet je eigenlijk prettiger voelen onder water dan boven water. Ik was gestopt als beroepsduiker, maar toen moest ik helpen bij een groot schip dat zijn roer kwijt was en waar overal water in liep. Ik ging onder water, ik ademde half water en half lucht, ik werd enorm koud, mij pak liep vol, het ijs dreef in het water en ik dacht bij mezelf: dit is lekker, ik moet hier niet mee stoppen. Als duiker moet het je niet uitmaken in welke omstandigheden je duikt. Of je nou in de Caraïben lekker kan duiken in je zwembroekje of hier onder het ijs. Als duiker wil je overal duiken.’ Mieke van Veen

Auteur

Redactie