De Ontmoeting: Feike van Tuinen

Lemmer

In de rubriek De Ontmoeting verhalen over waar mensen elkaar ontmoeten. Deze week is Feike van Tuinen aan het woord. Feike is dirigent van het Lemster Mannenkoor.

Wie ben je? ‘Mijn naam is Feike van Tuinen en ik ben 56 jaar. Ik ben componist/arrangeur, kunstschilder en ik ben dirigent van gemengde koren, een vrouwenkoor en sinds januari 2016 ben ik dirigent van het Lemster Mannenkoor.’ Hoe ben je bij het Lemster Mannenkoor terechtgekomen? ‘Sinds een paar jaar was ik al tweede dirigent bij het Lemster Mannenkoor. Ik ben uiteindelijk dirigent geworden door het volgen van de sollicitatieprocedure. Voor mij was het een hele ommekeer. Het grootste koor dat ik daarvoor had gedirigeerd, was het Sneeker Cantatekoor. Dat koor had een man of 50. Het Lemster Mannekoor heeft zo’n 120 man. Dat is voor mij een hele nieuwe dimensie. Ik had daarvoor ook nog nooit een mannenkoor gedirigeerd. Dat is wel even anders dan een gemengd koor.’ Waarom wilde je dirigent worden bij het Lemster Mannenkoor? ‘Dit was een unieke kans. Een club van 120 mannen dirigeren. Ik heb dat nu een seizoen meegemaakt en heb ervaren wat voor naamsbekendheid deze club heeft. Dat is toch door de jaren heen gegroeid en met name dankzij de vorige dirigent, Harm van der Meer. Hij is in de ruim 50 jaar dat het koor bestaat, 40 jaar lang dirigent geweest. Hij heeft er samen met het koor voor gezorgd dat je hier in Friesland wel over een instituut praat. Over het algemeen zitten de kerken vol. Laatst in april hadden we een oranjeconcert in Dalfsen en dan rijd je daar naartoe en je denkt: ‘hoeveel mensen zullen hier op afkomen?’ Ja, er zaten toen toch 200 man in de kerk. Dat is fantastisch.’ Hoe zou je het Lemster Mannenkoor omschrijven? ‘Het is een hele enthousiaste warme club mensen die organisatorisch alles goed voor elkaar heeft. Wat ik zelf nu ook meemaak, is dat de hele infrastructuur binnen het koor goed geregeld is. Van muziekcommissie tot opbouwploeg. Wekelijks wordt er ook een nieuwsbrief verstuurd waarin alle ins en outs van de vereniging staan. Maar ook bij ziekte of een ziekenhuisopname van een koorlid wordt dat vermeld met adres en kan hij in de loop van de week veel kaarten in de brievenbus vinden. Die eenheid binnen de club is heel hecht en begin september zijn we een weekend met z’n allen naar Zeeland geweest. Toen hadden we vrijdagavond een concert en werkten we zondagmorgen mee aan een kerkdienst in Goes. Zaterdag was vrij en zijn we naar Gent geweest. Het is een hechte club. De repetitie begint om kwart voor acht, maar de eersten zijn er al om zeven uur om de stoelen klaar te zetten.’ Wat vind je er leuk aan om dirigent te zijn? ‘Dat is prachtig. Overdag ben ik veel achter de piano en computer bezig met nieuwe muziek of met het maken van een nieuw arrangement van een mooi lied. Dat is een eenzaam, solitair beroep. Ik kijk er dan ook naar uit dat ik ’s avonds weer met een club mensen bezig mag zijn om weer wat moois te maken van al die noten. Dat is een wisselwerking. Het is een van de mooiste beroepen al zeg ik het zelf. Overdag probeer ik de noten in de juiste volgorde te zetten en ’s avonds probeer ik dat tot klinken te brengen. Ik ben bezig met muziek maken en dat vind ik prachtig.’ Mieke van Veen

Auteur

Redactie