De Ontmoeting: Paulien Koster

Lemmer

In de rubriek De Ontmoeting verhalen over waar mensen elkaar ontmoeten. Deze week is Paulien Koster aan het woord. Paulien zit al sinds haar achtste op wielrennen.

Wie ben je? ,,Mijn naam is Paulien Koster, ik ben twintig jaar en ik woon in Delfstrahuizen. Ik zit in mijn laatste jaar van mijn studie tot bewegingsagoog. Dat studeer ik op Landstede in Zwolle. Na mijn studie wil ik sportles gaan geven aan mensen met een beperking. Naast mijn studie ben ik fanatiek aan het wielrennen. Ik train bijna elke dag. Ik heb vaak één dag per week een rustdag. Soms twee, dat verschilt per week.”

Hoe ben je begonnen met wielrennen? ,,Achter ons huis is en doodlopende straat, daar was ik vroeger al veel aan het racen met mijn broer. Mijn broer is toen bij een vereniging gaan fietsen en dat wilde ik ook. Ik ging bij zijn trainingen kijken, maar was nog te jong om zelf mee te doen. Toen ik mocht gaan fietsen, heb ik dat gedaan. Dat was rond mijn achtste. Ik fiets nu bij NWVG Groningen. Ons team heet NWVG-Uplus dames.”

Heb je vaak wedstrijden? ,,Het wedstrijdseizoen begint eigenlijk vanaf maart en het is midden/half september weer afgelopen. Ik heb vaak elk weekend dan wel een wedstrijd. In de zomervakantie heb ik vaak een of twee keer een weekend geen wedstrijd, maar er is dan eigenlijk helemaal niks in Nederland. Met mijn team mag ik eigenlijk aan elke wedstrijd in Nederland wel deelnemen. Mijn eerstvolgende wedstrijd is 27 mei. Dan is de Ronde van Haren. Dat is een criterium, rondjes om de kerk. De week daarop heb ik de Ronde van de Kerspelen. Dat is een belangrijke. De Ronde van de Kerspelen is onderdeel van de clubcompetitie. Bij deze wedstrijd fietsen we van a naar b.”

Wat zou je graag willen bereiken? ,,Ik sta momenteel op clubniveau, maar ik zou wel hoger willen. Mijn droom is om bij een profploeg te rijden. Ik weet in mijn achterhoofd ook echt wel dat dat moeilijk is om te bereiken, maar als ik er eenmaal sta, dan ga ik er voor de volle 100% voor. Bij mannen van mijn leeftijd zijn er vier stappen om prof te worden. Als je daar prof bent, rijd je tussen een Nibali. Bij vrouwen is er geen tussenstap van waar ik nu ben tot prof. De stap van hier tot prof is dan ook wel heel groot en moeilijk om te halen. Maar als je er dan staat, rijd je tussen bijvoorbeeld Anna van der Breggen en Lucinda Brand in World Tour wedstrijden. Een wedstrijd waar ik graag nog een keer aan mee zou willen doen, is de Ronde van Vlaanderen.”

Wat vind je leuk aan wielrennen? ,,Het lange afzien. Gewoon echt het fietsen vind ik leuk, net als het trainen. Als je dan door de natuur fietst en je hoort de vogeltjes fluiten, dan word ik blij. En gewoon met elkaar en iets voor elkaar willen doen. Echt met elkaar de koers lezen. Het maakt het dan af door een wedstrijd te winnen of door een goede wedstrijd te rijden. Je staat niet elke week op de spits, je hebt elke week een andere taak of andere benen. Je hebt ook weleens wat minder goede benen en dan heb je het gevoel dat er niet alles uitgehaald kan worden. Laatst had ik niet hele goede benen, maar dan zit er wel een ploeggenoot in de kopgroep en dan ben je op dat moment blij voor die teamgenoot. Ik weet dat ik daar ook kan te zitten, maar zij maakt het wel even af, zij doet het wel. Ik kan wel noemen dat wielrennen een teamsport is, je kunt het niet alleen.”

Mieke van Veen


Auteur

Redactie